Posts tonen met het label villa-tuto. Alle posts tonen
Posts tonen met het label villa-tuto. Alle posts tonen

Paardebloemzalf

woensdag 3 mei 2017

Een week of 4 geleden was onze hele tuin plots bezaaid met paardebloemen. Tijd om met de bladeren de sla te pimpen en om bloemen te plukken om zalf te maken. Paardebloem heeft namelijk heel wat geneeskrachtige eigenschappen. Omdat Lief de laatste tijd nogal naarstig met zijn handen aan het werk is om ons tuinhuis te verbouwen, kreeg hij dit potje cadeau. De zalf is goed tegen een droge huid en helpt bij pijnlijke spieren en gewrichten (ook tegen reumapijnen). Hand- en lichaamszalf, Perfect cadeautje voor de vlijtige "werkmens"! 


Dit heb je nodig:
paardebloemen, de bloempjes
250 ml amandelolie (bio)
30 gram kokosolie (bio)
30 gram bijenwas
10 druppeltjes essentiële olie van lavendel, zilverspar of pepermunt (optioneel)
een schone bokaal
een zeef
een pannetje
water

Zo maak je het:
Pluk paardebloemen in de voormiddag als ze goed open gekomen zijn en kies een plek waarvan je zeker bent dat die niet bespoten is met pesticides. Was de bloemhoofdjes voorzichtig en dep ze droog. Spreid ze uit op een plateau met een keukenhanddoek erop en laat ze 3 dagen drogen op een warme, droge plek.

Doe de gedroogde bloemhoofdjes in de bokaal (zorg dat die goed proper is) tot de bokaal ongeveer 3/4 vol is. Giet de amandelolie over de bloemetjes tot die goed onderstaan. Zet de pot weg op een donkere, droge plek. Ik zette hem in een keukenkastje dat ik vaak gebruik, zodat ik de pot niet zou vergeten.

Schud elke dag eventjes met de pot en doe dat 3 tot 4 weken lang. Op die manier zullen de bloemetjes hun werkzame bestanddelen aan de olie afstaan. Na 3 tot 4 weken is je paardebloemolie klaar.

Giet de olie met de bloemetjes door een zeef. De bloemetjes blijven in de zeef, de olie loopt er nu door. Vang de olie op in een kom en druk alle olie goed uit de bloemetjes, laat goed uitlekken. Was de bokaal goed uit en leg die eventjes in kokend water zodat die weer heel proper en steriel is. De bloemhoofdjes heb je niet meer nodig.

Zet een pannetje met een flinke bodem water op het vuur. doe de paardebloemolie, de kokosolie en de bijenwas in de bokaal en zet de bokaal in de pan. Breng het water aan de kook en roer alles in de bokaal (die nu au-bain-marie staat) goed door elkaar. De was en de kokosolie zullen langzaamaan smelten en zich vermengen met de olie. Blijf goed roeren tot je heldere olie hebt zonder brokken. Haal de bokaal dan uit het pannetje van het vuur en droog goed af. Ik deed er op dit moment nog 10 druppels lavendelolie bij. Schroef het deksel op de pot en laat afkoelen. Tijdens het afkoelen zal je olie langzaamaan harder worden tot je een mooie gele zalf hebt.

Aanvullingen:
  • Je kan deze zalf een 3-tal maanden bewaren op een koele, droge plek.
  • Ik voegde 10 druppels lavendelolie toe. Dit is niet noodzakelijk, maar ik hou wel van de lavendelgeur en lavendelolie helpt pijn te verlichten. Een andere optie is essentiële pepermuntolie. Dat heeft eveneens een typische geur en een pijnverlichtend effect.  Je kan ook voor zilversparolie kiezen, die heilzaam is bij artritis en reumapijnen. 
  • Als je vindt dat jouw zalf niet stevig genoeg is, kan je dat de volgende keer aanpassen door de hoeveelheid bijenwas te verhogen. Ik vind dat de structuur van mijn zalfje helemaal perfect geworden is. 
  • Hoeveel paardebloemen je nodig hebt is moeilijk in te schatten. Ik plukte er flink wat, als ik ze op mijn plateau uit elkaar legde, lag de bodem vol en de gedroogde bloempjes pasten net in mijn confituurbokaal.

Herbruikbare wattenschijfjes

maandag 1 mei 2017



Wattenschijfjes haal ik niet meer in huis. Ze zijn gemaakt van katoen en laat dat nu een erg vervuilend product zijn. Om een kilo katoen te telen is er gemiddeld 10.000 liter water nodig (meer hier ), gigantisch veel alleszins. Katoen wordt gebruikt om kleding én om wattenschijfjes te maken. Die laatste mikken we na een paar keer vegen recht de vuilbak in. Dat kan ook anders. Een lekker ouderwets washandje doet de truc net zo goed, maar soms wil ik me wel "in stijl" ontschminken en daarom zette ik me (eindelijk) eens aan mijn naaimachine om deze herbruikbare wattenschijfjes te naaien. Net als de joggingbroek stond dit al een eeuwigheid op mijn lijstje.


Ontschminken, in het wasnetje gooien, uitwassen, hergebruiken en *repeat*. Ik gebruikte voor deze schijfjes een restje wafelkatoen en een restje flanel. Beiden zijn overschotjes van vorige naaiprojectjes én ik vond ze tweedehands op de rommelmarkt.

Zo maak je deze schijfjes
Teken met een passer een cirkel op de stof (dit is de grootte van je schijfje). Teken een tweede cirkel die net 1 cm groter is (dit is je naadwaarde) en knip op de buitenste lijn uit.
Knip zo 2 schijfjes uit flanel en 1 uit wafelstof.
Leg de 3 lagen op elkaar en stik op de lijn zodat je 1 cm naadwaarde hebt. Laat een stukje open.
Maak kleine knipjes in de naadwaarde helemaal rond.
Keer het schijfje door het gat.
Naai het schijfje met de hand dicht met een onzichtbare steek.

Het fijne is dat de schijfjes 3 lagen en zo een goed volume hebben. Ze hebben één zachte kant en één met "scrubeffect".  Het schijfje kan je bevochtigen met water, of een zelfgemaakte ontschminker.


Deze ontschminker maak je zelf en kan je zowel voor je gezicht als voor je ogen gebruiken en is ongeveer 3 weken houdbaar, dus maak niet teveel in 1 keer.

Dit heb je nodig:
50 ml amandelolie
50 ml rozenwater
1 theelepel vitamine E

Zo maak je het:
Neem een schoon flesje, steriliseer het door het enkele minuten in kokend water te leggen. Giet alle ingrediënten in het flesje. Schud alles goed door elkaar. Je merkt meteen dat het water en de olie zich steeds weer opsplitsen. Voor gebruik schud je het flesje goed en dan is alles weer goed gemengd.

Meer zelfgemaakte wattenschijfjes vind je bij MiekKellyAnnelies en Eva

Hemdje & Fair Wear Friday 13

vrijdag 21 april 2017

Het is niet dat ik dat Fair Wear Friday project op de blog schromelijk verwaarloos, dat ik dat in het echte leven ook doe, integendeel. 3 jaar na de lancering van Fair Wear Friday ben ik nog steeds hondstrouw aan mijn 10 geboden. Nu de Fashion Revolution Week voor de deur staat, leek me dat een perfect moment om een strik rond dat Fair Wear Friday-project te draaien, mijn buik in te trekken en nog eens ... *ademt diep in* ... zelf voor die cameralens te kruipen. Met die nieuwe "lijn" en een fotograferende Dochter in de buurt heb ik niet eens meer een smoes om dat niet te doen *dju toch*!
Mijn kleerkast schreeuwt ondertussen om zomers gerief in de juiste maat, dus naai ik de laatste tijd ook al eens iets voor mezelf. Een bloesje uit een mannenhemd bijvoorbeeld.


Voor: een mannenhemd Extra Large
Na: een bloesje zonder mouwen



Wat heb je nodig?
Een mannenhemd, hoe groter hoe beter! Maat xl tot xxl of zo. Een hemd dat iemand anders niet meer wil, maar dat jij echt leuk vindt: omwille van de stof, de details, de print. Controleer wel of de kwaliteit van je stof nog goed genoeg is. Je wil niet dat je bloesje na enkele weken uit elkaar scheurt.

Hoe doe je dat?
1. Leg het mannenhemd vlak voor je op tafel
2. Beslis welke details je wil houden. Bij dit hemd was dat best veel: het lintje op de rug, de kraag,  de zakjes en het knopenpat.
2. Knip de mouwen van het hemd, net naast de naad. Als je aanpassingen wil doen aan de hals,  de bovenkant, de schouders van het bloesje knip je ook de schoudernaden open.
3. Leg een patroon van een hemdje of een bestaand, goed passend bloesje op het hemd.
4. Teken de juiste vorm van je hemdje op de binnenkant van je stof, teken daarna overal 1 cm naadwaarde aan en onderaan 1,5 cm.
5. Knip rondom rond, behoud overal de naadwaarde.
6. Zet daarna de hals in elkaar zoals je dat wil. Doe hetzelfde met de schouders. Stik de hals en de schoudernaden. Voor dit bloesje hield ik daar bovenaan alles zoals het was, dus kon ik deze stap overslagen.
7. Naai biaislint aan de openingen van de armsgaten.
8. Drieg het hemd in elkaar aan de zijnaden en beslis waar je je hemd nog moet aanpassen. Ik stikte bijvoorbeeld nepen ter hoogte van mijn borsten. De nepen stikte ik dwars door de zakjes die op dezelfde plek zitten. Mij stoort dat namelijk niet, ik vind dat net tof zo.
9. Stik en overlock of zigzag de zijnaden.
10. Zoom het hemdje om met een rolzoom
Klaar!


Tips
  • Recykleren is geen exacte wetenschap: het is vooral durven, puzzelen, improviseren, logisch nadenken en je plan trekken. Daarom vind ik  het ook zo leuk om te doen.
  • Behoud zeker de details die je tof vind.
  • Een bestaand patroontje is handig. Je kan het dan op je hemd leggen en aanpassen waar nodig. Dat aanpassen zal je wel moeten doen, aangezien een hemd nu eenmaal geen grote lap stof is en in combinatie met een patroon toch wel wat beperkingen heeft. Het patroon van "Alice blouse" uit La Maison Victor van juli-augustus 2015 is een goede basis voor het bovenstaande goocheltrucje.
  • Tussendoor vaak passen en aanpassen waar nodig is de vuistregel!
  • Af en toe eens de mist ingaan hoort erbij. Aan dit hemd ging een versie vooraf die finaal de soep indraaide. Troost je met de gedachte dat je er veel uit geleerd hebt. Schrijf je blunders en aanpassingen op voor de volgende keer. En bovendien: als je werkt met een hemd dat iemand anders sowieso wilde weggooien is die mislukking al meteen minder rampzalig. De resten van de hemden en van de mislukkingen gebruik ik wel eens als alternatief inpakpapier, of voering voor een ritstasje.

En die Fair Wear Friday? Had ik die nu niet beloofd daarstraks? 




Bloesje: Zelf gemaakt uit een afgedankt mannenhemd
Broek: Uit de kleerkast van Dochter, voor haar net iets te groot, voor mij net gepast nu. Handig als je kleding kan delen zeg!
Vestje: Het absolute lievelingsstuk uit mijn kleerkast op dit moment. Het is gemaakt uit donkerblauw leder en van Claudia Sträter. Leder probeer ik te vermijden, maar voor een vestje of voor schoenen maak ik al eens een uitzondering. Dit lederen vestje mocht ik van mezelf kopen aangezien ik het tweedehands vond, bij D'Makk in Herselt. Een pracht van een winkel boordevol vintage schatten: kledij én meubels. Een heerlijke plek, die in een recordtempo uitgroeide tot favoriete coulisse voor de vrijdagse borrel met collega's. Uit nieuwsgierigheid checkte ik ook het merk en las dat Claudia Sträter sinds 2015 ook lid is van de Fair Wear Foundation.
Schoenen: De sandalen kocht ik vorige zomer bij Mieke in Gent. Mieke zet fairtrade en duurzaamheid bovenaan haar prioriteitenlijst en heeft een prachtige collectie. Hier kan je  mijn espadrilles van Naguisa bewonderen, ze werden gemaakt in Spanje. Dus bring it on: die zon!


Meer Fair Wear Friday vinden jullie vandaag bij: 
Check zeker ook op instagram #fairwearfriday.
De geweldige foto's bij dit blogje maakte de Dochter.

Dit is een niet-gesponserde blogpost. 
Oproep: Volgende week is het Fashion Revolution Week. Bestook jij ook je favoriete merken met de vraag #whomademyclothes? Of post je jouw eerlijke outfit onder #fairwearfriday?

Strijkplankhoes

maandag 25 april 2016


In de 21 jaar dat ik samenwoon met Lief hebben we al heel wat plooien moeten en mogen gladstrijken. Letterlijk én figuurlijk, zeker nu er dagelijks een horde pubers passeert. Mijn strijkplank, die al die jaren trouw dienst doet, kon dan ook dringend wat oplapwerk gebruiken. Ik naaide een nieuwe strijkplankhoes. Dat bleek een eenvoudige klus te zijn. Voor wie zelf aan de slag wil, doe ik even uit de doeken hoe ik te werk ging.


Voor de hoes heb je een onderlaag nodig. Heel even ging ik op zoek naar dacron zoals de Zuster gebruikte voor haar strijkplank make-over. Maar de luilak in mij gaf die zoektocht al snel weer op en bestelde een strijkplank onderlaag. Best wel handig, want je krijgt een dikke lap uit vilt die je dan zelf op maat kan knippen. Voor de hoes zelf gebruikte ik een stevige retro canvasstof.  Als je stof kiest, let er dan op dat die geen synthetische textielvezels bevat. Je wil echt niet dat je mooie nieuwe zomertopje aan je strijkplank blijft kleven.

1. Leg je strijkplank op de onderlaag en teken de contouren van je strijkplank op de onderlaag.  Teken dan de omtrek van je strijkplank nog eens met 1 cm waarde extra. Knip uit op deze lijn.

2. Leg je strijkplank op je stof en teken daarop ook de omtrek van je plank over. Voeg daar 10 cm extra waarde bij, zet streepjes en teken nog eens de omtrek van je strijkplank. Knip uit op deze lijn.

3. Werk met een overlock- of zigzagsteek de zijkanten af. 

4. Plooi dan 2 cm van de stof om en strijk, plooi daarna nog eens 2 cm van de stof om en strijk.

5. Op die manier maak je een tunnel, doe dat helemaal rondom rond en speld vast. In de bochten zal je vouwtjes moeten maken. Speld die ook goed vast.

6. Stik daarna de tunnel, op enkele mm van de rand. Laat een opening van ongeveer 5 cm. Stik helemaal rond, hecht goed bij het begin en het einde. 

7. Rijg een stevig touwtje of een elastiek door de tunnel, leg je onderlaag op je strijkplank. Leg de strijkplankhoes erover en span de hoes over de plank terwijl je het touw of elastiek goed aantrekt en vastmaakt.


De strijkplank is weer als nieuw. Bij mijn plank waren ook de plastic dopjes over de pootjes stuk. Die haalde ik eraf en verving ik door champagnekurken die Lief op maat gesneden had. Die plank kan zo weer heel wat jaren mee.


Onderlaag:  van Brabantia 
stof: retro gordijn - rommelmarkt
poten: champagnekurken 
meer strijkplank make-overs bij SharonAnneliesGriet

Beanie

dinsdag 6 oktober 2015

Nu we de na-zomer gehad hebben is het tijd om sjaals, handschoenen en mutsen weer op te diepen, want 's ochtends op de fiets kan het al behoorlijk koud zijn. Jongste kreeg voor deze herfst en winter nog een grijze beanie, die past perfect bij haar nieuwe trui en hemd.




Niet zelf gebreid, nee. Mijn brei-pogingen hebben nog maar bitter weinig opgeleverd. Wel zelf "gerecykleerd", want deze muts is gemaakt uit een oude trui. 


Fluitje van een cent, zal ik eens even uitleggen hoe je dat doet? Zoek in je kleerkast, in de kringwinkel of op de rommelmarkt een trui. Let er vooral op dat je de kleur, de print, het breisel, de stof mooi vindt, het model maakt niet zoveel uit. Aan de slag, straks heb je een toffe beanie op je hoofd.

Trui wordt muts


1. Neem een sjaaltje, bind dat strak om je hoofd, maak er een stevige knoop in. Zo meet je de omtrek van je hoofd. Het sjaaltje mag goed strak zitten.

2. Leg het geknoopte sjaaltje onderaan je trui. Meet en teken de omtrek van je muts, of duid met speldjes de vorm van je beanie aan. Begin en eindig aan het uiteinde en de knoop van het sjaaltje.

3. Knip uit. Naadwaarde heb je zeker niet nodig want tricot of breisel rekt nog voldoende uit. Als je veel rek hebt in je stof kan je de beanie best zelfs wat smaller knippen.

4. Stik met een zigzagsteek of met de overlock de zijkanten van de muts toe. Laat bovenaan een opening van een 10-tal centimeter.

5 Leg de 2 naden die je net gestikt hebt bovenaan tegen elkaar en speld vast. De naden moeten een kruis vormen. Stik de opening met een boog toe, rechts en links  moet je op dezelfde hoogte eindigen. Zo zorg je ervoor dat je een beanie-vorm krijgt en dat je muts bovenaan een kruisnaad heeft, je beanie heeft zo meer volume. 

6. Klaar!

Tip: ik gebruikte nogal een los gebreide trui en naaide met de overlock.  Uiteindelijk vertrouwde ik de stevigheid van de naden niet helemaal dus besloot ik om ze te verstevigen. Ik naaide nog eens over de naden met een festonsteek, met wol in dezelfde kleur. Aan elkaar haken zou ook kunnen bij een los breisel als dit.


T-shirt Refashion

zondag 16 november 2014


Ooit, toen ik een jaar of 18 was kreeg ik 2 T-shirts van Bo Bendixen cadeau van een lieve vriendin. Ik was meteen helemaal weg van de kleurrijke prints van deze Scandinavische designer. Flink oversized waren die T-shirts, want dat moest zo in de jaren 80, ik droeg ik de T-shirts nog lang om in te slapen. Ik koesterde ze, waste ze voorzichtig zodat de vrolijke kleuren niet af zouden gaan, maar de laatste jaren lagen de T-shirts in een hoekje in de kast. Tot Jongste ze onder ogen kreeg en op slag verliefd werd op de koetjes, net als ik zoveel jaar geleden. Ze knipperde even met haar bambi-ogen, meer had ik niet nodig voor een grote make-over.
Voor zag dat er zo uit:


En kijk nu:


Benieuwd hoe ik dat deed? Ik zal dat eens uit de doeken doen voor u, klaar voor wat Hokus Pokus met T-shirts?


T-shirt aanpassen

Dit heb je nodig:
speldjes
een naaimachine of overlock
kleermakerskrijt
een veel te groot T-shirt (het witte op de foto's)
een T-shirt dat precies past (het paarse op de foto's)
een schaar

Zo maak je het:



Leg het te grote T-shirt voor je en strijk het glad - leg alle naden mooi op elkaar. Leg het andere T-shirt erbovenop, je krijgt nu al een idee hoe je T-shirt zal worden. 


Keer je T-shirt binnenste buiten. Knip de mouwen van het T-shirt. Leg van de eerste mouw de naden netjes op elkaar en geef een knipje onderaan in de mouw net naast de naad. Knip daarna mooi naast de naad de bovenste laag stof eraf en knip zo verder de onderste laag eraf. Probeer zo recht mogelijk te knippen, vlak naast de naad. Doe hetzelfde voor de andere mouw.


Plooi het T-shirt precies in het midden dubbel, strijk alle plooien glad, de naden liggen weer netjes op elkaar. Leg daarbovenop het passende T-shirt, plooi dat ook dubbel, strijk de plooien glad en leg de naden weer netjes op elkaar. Teken met je kleermakerskrijt precies langs het T-shirt en zet daarna een stippellijn op 1 cm naast die lijn - dat is je naadwaarde. Teken een streepje waar de mouw van je T-shirt begint. Knip uit op de stippellijn - dus met de naadwaarde. Knip tot aan het streepje, door alle lagen stof van je T-shirt heen.



Flap nu je mouw een beetje weg en teken een stippellijn precies waar de naad van de mouw op het T-shirt moet komen. Zet puntjes waar de naad ligt en teken daarna de naadwaarde van 1 cm er weer bij, knip uit.


De zoom onderaan: als je T-shirt niet te lang is, kan je de zoom houden. Mijn -T-shirt moest ik toch inkorten. Aan de onderkant van je T-shirt teken je een lijn 3 centimeter onder de rand van je T-shirt. Knip uit.


De mouwen: Strijk de afgeknipte mouw mooi glad en leg de naden netjes op elkaar. Leg je passende T-shirt bovenop de mouw. Leg de bovenkanten mooi op elkaar en de zomen aan de zijkanten ook.


Flap de mouw terug en teken weer een stippellijn precies daar waar je naad komt. 


Teken 1 cm naadwaarde erbij en knip uit. Doe hetzelfde voor de andere mouw


Plooi je T-shirt open en je mouw. Je ziet nu waar je mouw moet komen. Markeer het midden van je mouw (hier met een plooi).


Speld de mouw op het T-shirt, de goede kanten liggen op elkaar. Begin bij het midden, speld het midden van de mouw op de naad van de T-shirt, Speld daarna de uiteinden vast, zodat die mooi op elkaar liggen. Speld dan tussenin steeds verder vast. Je moet wat aan je mouw trekken, totdat het uitkomt en de mouw aan je T-shirt gespeld is.


Naai vast met je naaimachine of overlock en doe precies hetzelfde voor de andere mouw. Let op dat je speldjes bij het naaien niet tussen je machine sukkelen en let er ook op dat je geen plooien stikt. Langzaam stikken aan de schoudernaad is de boodschap.



Leg daarna de zijkanten van je T-shirt op elkaar, de goede kanten tegen elkaar. Begin bij de mouwen, de naden liggen precies op elkaar, speld vast. Speld daarna de rest van de zijnaad vast. Naai de zijkant dicht, let erop dat je ook de mouw netjes op elkaar stikt. Doe hetzelfde aan de andere zijkant. Strijk alle nieuwe naden goed met veel stoom.


Strijk ook de 3 cm onderaan om en speld die zoom vast. Stik de zoom met een tweelingnaald.


En klaar, geniet van je nieuwe T-shirt.


Meer gerecykleer vind je de volgende weken bij Boomie!


Mutsen en mandjes

zaterdag 1 maart 2014

Zij had het al in haar glazen bol gezien en hier voorspeld. Het zou niet bij 1 "beanie" blijven. Deze winter haakte ik mutsen in alle kleuren van de regenboog en er volgde zelfs een beanie-workshop bij mij thuis. Nu de mist in mijn hoofd wat is opgetrokken kan ik er eindelijk ook eens een blogberichtje over schrijven. Klaar voor de beanie-parade?


Het begon allemaal met dit rode exemplaar, 
maar die beanie kregen jullie al eerder te zien.


Toen wilde dit spook er ook 1, een grijze


en haakte ik een gele voor mij.


Er volgden nog een groene en een blauwe voor een stel vriendinnen.  Mutsen in dikke wol, in dunnere wol met dubbele draad, en in superdikke wol. Die laatsten zijn in gebruik als mandjes,


voor de restjes wol,


en voor de planten.

Heb je ondertussen ook zin gekregen in een muts of een mandje? Voor de workshopdeelnemers schreef ik uit hoe ik het doe en omdat zij het vroegen zet ik het ook hier nog eens. Vooruit aan de slag, ook in de lente blijft een beanie op je hoofd "hip" en een mandje kleurt je interieur meteen in.



Zo haak je zelf een muts of een mandje:

Dit heb je nodig:
gewone breiwol (dan haak je met dubbele draad) of
2 bollen dikkere wol die je met 
haaknaald nummer 7 of 8 moet haken 
(dat vind je op het etiket)
Voor de mandjes: superdikke wol die
je met haaknaald 10 of 12 haakt.

De steken die je gebruikt zijn:
De losse = l
De vaste = v
Zo doe je het:
Als je met gewone breiwol haakt moet je 2 draden samen nemen. Je kan ook kiezen om 2 kleuren te mengen, dat geeft een grappig effect. Als je met de dikkere wol haakt, dan haak je met 1 draad. Om deze mutsen te haken moet je in het begin meerderen en dus moet je goed tellen na elke toer. Het best is dat je na elke toer een klein speldje steekt om te markeren waar de vorige toer ten einde was, dan lukt het beter om te tellen. (tel de steken die vetgedrukt zijn.)
Haak 4 l en sluit met een halve vaste in de 1e l
Toer 1: Haak in elke l  2 v = (8 v)
Toer 2: Haak in elke v  2 v = (16 v in totaal)
Toer 3: Haak een v in 1e v, daarna 2v in volg v, herhaal tot einde toer = (24v in totaal)
Toer 4: Haak een v in de volg 2v, daarna 2v in volg v. Herhaal tot einde toer = (32v in totaal)
Toer 5: Haak een v in de volg 3v, daarna 2v in volg v. Herhaal tot einde toer = (40v in totaal)
Toer 6: Haak een v in de volgende 4 v, daarna 2 v. in de volgende v. Herhaal dit tot einde toer = (48 v. in totaal)

Je merkt hierboven vast het patroon op. 1 keer je dat door hebt kan je mutsen op maat haken. Ik doe het altijd zo: als je aan het meerderen bent, krijg je een "keppeltje"  dit keppeltje pas je op het hoofd van de persoon voor wie de muts bedoeld is. Zo kan je meteen "meten" of je voldoende toeren gemeerderd hebt of nog toeren verder moet meerderen. Voor de mandjes stop ik na 40 vasten en voor een muts voor mijn pubers en voor mezelf heb ik aan een omtrek van 48 vasten genoeg. Alles hangt er uiteraard van af hoe vast of hoe los je haakt. Als je keppeltje de juiste maat heeft dan haak je gewoon verder zonder te meerderen, dus je haakt je toeren met telkens één v. in elke v.. Maak de muts zo kort of zo lang als je zelf wil. De draadjes stop je in aan de binnenkant en klaar is je muts of je mandje!