Posts tonen met het label afvalloos. Alle posts tonen
Posts tonen met het label afvalloos. Alle posts tonen

Notenkoeken

donderdag 7 maart 2019

Ik bakte een stapel notenkoeken. Koeken voor de flinke honger tussendoor, of die je kan meegrabbelen als ontbijt. 's Ochtends moet het hier al eens snel gaan, als ik me heb overslapen. Jaren geleden kocht ik voor dit soort hongertjes wel eens granny biscuits, je weet wel : die grote ronde harde koeken. Je kan zulke koeken echter gemakkelijk zelf bakken. Ik nam als inspiratie verschillende recepten van de Duitse "Kerntaler Plätzchen" en maakte een plantaardige versie van dit recept.



Dit heb je nodig:
250 gram tarwebloem
1 theelepel natriumbicarbonaat (om te bakken) of 2 theelepels bakpoeder
100 gram suiker
2 eetlepels vanillesuiker (zelfgemaakte) of 1 zakje (gekocht)
1 appel - waarvan je appelmoes kookt. Je hebt ongeveer 60 gram appelmoes nodig.
125 plantaardige boter
125 gehakte noten (ik gebruikte een mengeling hazelnoten en amandelen voor deze koekjes, maar andere noten kunnen ook)
3 eetlepels plantaardige melk 

Zo maak je het:
Voeg de tarwebloem, het natriumbicarbonaat, de suiker, de vanillesuiker, de appelmoes, de boter en de helft van de noten bij elkaar. Roer goed en kneed tot je een goed stevig deeg hebt. Rol daar een dikke rol van.  Bestrijk de rol met de plantaardige melk en rol die door de rest van de noten. Zet in je koelkast en laat daar de rol een nacht rusten. Zorg ervoor dat de rol goed koud wordt. 
Verwarm je oven voor op 180 graden. Snij schijven van je rol. Als de schijven goed stevig zijn, is het prima, dan kunnen ze zo de oven in. Als ze nog een beetje uit elkaar vallen, leg de schijven in een ronde uitsteekvorm en druk goed aan zodat je toch stevige koeken krijgt. Schuif de koeken in de oven op je ovenplaat die je met bakpapier bekleed hebt. Werk je liever niet met bakpapier strijk dan boter op je bakplaat en bestuif met bloem. Laat de koeken 10 tot 15 minuten bakken in een voorverwarmde oven op 180 graden.  Je kan ook speltbloem of volkorenbloem gebruiken om deze koeken te bakken, of havermout of pitten in plaats van noten.


Afvalanalyse: 
Bloem, natriumbicarbonaat, suiker, appel en noten koop ik in bulk en vanillesuiker maak ik zelf, dus daar bespaar ik ook verpakking. De plantaardige boter zat wel in een vlootje en de plantaardige melk in brikverpakking. Plantaardige melk kan je echter ook zelf maken.

Variatie: 
Je kan ook speltbloem of volkorenbloem gebruiken om deze koeken te bakken, of havermout of pitten in plaats van noten.

One for the road

zondag 17 februari 2019

Nu Willy Willy afgelopen week vertrok en wij onlangs  met vrienden nog een zalig optreden van The Scabs zagen, zit dit liedje al wekenlang in mijn hoofd. Het is een soort van afscheidslied dat blijft ronddraaien.  Als wij "on the road" zijn, dan neem ik mijn gerief gewoon mee, zo hoef ik nooit wegwerpspullen aan te nemen. Dit is mijn standaarduitrusting:

- een drinkbus met water of thee, om te hervullen;
- een bakje, met lunch of om onderweg wat lekkers in te doen,
we moesten maar eens een foodtruck tegenkomen of zin hebben in frieten;
- katoenen zakjes, om te vullen met lekkers in bulk;
- een beker, voor de coffee-to-go;
- bestek en een servet;


Om dat laatste te bewaren gebruikte ik de afgelopen jaren een prachtig geborduurd brillenzakje, dat ik ooit op de rommelmarkt kocht. Dat raakte door veelvuldige gebruik stilaan in een staat van ontbinding. Hoog tijd om -eindelijk-  nog eens achter die naaimachine te kruipen. Dat was al weer een eeuwigheid geleden! Ik bedacht en tekende zelf een patroontje en een uurtje later had ik een nieuwe bestekrol.


Enkele jaren geleden kreeg ik van twee tantes van mijn moeder een stapeltje kleding cadeau, om te "recykleren". Hoog tijd om daar wat mee te doen. Een deel van de gestreepte katoenen jurk van de groottante werd de binnenkant van mijn rol en een servet.  De blauwe stof kocht ik lang geleden op de rommelmarkt. De bovenkant van de placemat flapt dicht over het bestek voor je die oprolt en dichtknoopt. Zo valt het bestek er niet uit. 


Wij, in de krant:
duurzaam leven saai?

Bodycrème

zondag 20 januari 2019

Ik heb nogal droog vel. Vooral in het hartje van de winter, wanneer de temperaturen onder 0 zakken, kan mijn perkamenten huid wel wat hulp gebruiken. Een vettige bodycrème komt op ijskoude dagen als deze toch wel van pas. Omdat ik zo weinig mogelijk verpakking wil kopen, ging in zelf aan de slag. Zo maakte ik deze vochtinbrengende lichaamscrème. Als je net hebt gesmeerd voelt hij wat vettig aan, maar even wrijven later, dringt alles diep je huid in en doet het meteen zijn werk.



Dit heb je nodig:
100 gram kokosolie
50 gram cacao-boter of sheaboter (dat laatste heeft wel een speciale geur, daar moet je van houden)
50 gram amandelolie of arganolie
enkele druppels etherische olie, ik gebruikte lavendelolie, maar je kan ook andere geuren toevoegen.

Zo maak je het
Warm wat water op en doe de kokosolie, cacaoboter en amandelolie in een glazen kom en zet dat boven het water. Smelt zo alles au-bain-marie. Als alles gesmolten is, roer je goed. Als het buiten echt al flink koud is, zet je het mengsel buiten. Anders zet je het in de koelkast. Laat koelen tot het mengsel terug hard begint worden. Dat duurt ongeveer een uurtje. Zoek ondertussen enkele mooie bokalen bij elkaar. Was ze goed af en steriliseer ze door ze in een oven te zetten of door ze in kokend water te leggen. Laat de bokalen weer drogen en goed afkoelen.
Als het mengsle terug hard geworden is neem je het binnen of uit je koelkast. Mix nu alles met een handmixer met kloppers. Dit doe je zolang tot het hele mengsel opgeklopt is. Als het eruitziet als slagroom voeg je de druppels etherische olie toe en klop je nog even verder. Nu vul je de bokalen en ben je klaar.
Deze bodycrème is je ideale maatje in de badkamer na het douchen, bij de lavabo nadat je buiten gewerkt hebt of in je zwemzak na het zwemmen. Mijn lief gebruikt het zelfs als lippenbalsem, nu zijn lippen flink uitdrogen als hij bij deze vrieskou buitenwerkt
Deze crème doet het ook goed als zelfgemaakt winters cadeautje.

Energierepen met banaan

zaterdag 8 december 2018

Zo een tussendoortje af en toe, daar heb ik echt nood aan. Vooral op drukke dagen. Vroeger kocht ik wel eens notenrepen voor zulke noodgevallen. Nu maak ik ze zelf. Het is ook zo klaar, je bewaart ze in een doos en jij en je huisgenoten kunnen weer een week verder. Je kan ze meenemen in een doosje of in een herbruikbaar lunchzakje.



Dit heb je nodig:
2 eetlepels pindakaas of amandelboter.
5 eetlepels ahornsiroop
2 rijpe bananen
100 gram havermout
100 gram gepofte rijst
50 gram zonnebloempitten
100 gram pompenpitten
100 gram gemalen lijnzaad
150 gram rozijnen
150 gram amandelnoten of hazelnoten
1 eetlepel kaneel

Zo maak je het:
Warm je oven voor op 180 graden.
Mix de pindakaas de ahornsiroop en de 2 bananen goed zodat je een crème krijkt. Roer alle droge ingrediënten in een kommetje dooreen. Voeg dat bij de crème en roer alles goed door elkaar. Giet alles in een bakblik, druk aan en strijk glad met een spatel. Plaats het bakblik in de oven en bak 25 minuten. Als alles klaar is, neem je het blik uit de oven, laat je het afkoelen. Daarna snijd je de "koek" in repen. Je kan er meteen één opsmullen maar je kan ze ook bewaren in een luchtdichte doos.

 


Afvalanalyse: 
De plastic verpakkingen van de repen heb je uitgespaard en dit is echt wel snel klaar. Je weet trouwens precies wat er in je reep zit. Alle droge ingrediënten vind je in bulk. Kijk zeker eens bij de notenkraam op je wekelijkse markt en neem zelf je zakjes mee! Ook pindakaas en amandelboter kan je zelf maken, of je kan een potje vullen in de verpakkingsvrije winkel. Blijft nog de ahornsiroop, die ik in een glazen flesje koop.


Krokante wafeltjes

vrijdag 23 november 2018



In deze groep werd gezocht naar een plantaardig recept voor krokante wafeltjes. Dat leek me nog eens een uitdaging waard, want in de Kempen eten we al eens graag een galet bij onze koffie. Ik leende het wafelijzer van de buren, mijn exemplaar heeft namelijk enkel dikke ruiten voor wafels. Chanceke, dat ik zulke fijne buren heb! Daarna dook ik in mijn schriftjes en boekjes, sprokkelde wat receptjes bij elkaar en begon ik te mengen, te proeven en te testen. Na wat gepruts wandelde ik de woonkamer in met een schaal zalig krokante wafeltjes. 


Dit heb je nodig:
250 gram bloem
8 gram bakpoeder
75 milliliter havermelk of amandelmelk
25 gram plantaardige bakboter
120 gram suiker
snufje zout
7 gram puddingpoeder
18 gram gemalen lijnzaad
3 eetlepels warm water

Zo maak je het:
Doe het lijnzaad en de 3 eetlepels water bij elkaar. Roer goed en laat 10 minuten rusten. Roer daarna de boter en de suiker tot je een zachte massa hebt. Ik gebruik hiervoor een mixer met kloppers. 
Voeg er nu het puddingpoeder en een snufje zout aan toe, roer goed. Roer nog eens goed door het lijnzaadpapje en voeg ook dat doe. Meng alles goed. Voeg het bakpoeder er ook bij. Uiteindelijk heb je nog je bloem en je melk over. Voeg om beurt een schep bloem en een scheut melk toe, terwijl je steeds goed blijft roeren. Doe dit  tot alles onder het deeg zit. Meng alles tot je een samenhangend deeg hebt. Dek het deeg af en zet het minstens een uur in je ijskast.
Warm je wafelijzer op, vet het in en  rol kleine bolletjes van je deeg. Leg die bolletjes op je bakplaat en bak de wafeltjes. Neem ze voorzichtig uit het wafelijzer en leg ze op een rooster om af te koelen.
Als ze afgekoeld zijn, worden ze lekker krokant. Ze smaken heerlijk bij een kop thee of koffie!


Afvalanalyse: 
De plastic verpakking van een pak wafels hebben we uitgespaard. Ik koop alles in bulk, behalve puddingpoeder en bakpoeder, die zaten in papieren zakjes. De havermelk zat in een brikverpakking, maar kan je ook zelf maken. Hoe je dat doet lees je hier.

Polenta met snijbiet

woensdag 14 november 2018

De snijbiet floreert. Van het vroege voorjaar tot nu, het late najaar geeft onze tuin ons armenvol snijbiet. Snijbietreceptjes bij de vleet, maar nu het al oktober is en ik alweer iets met snijbiet moet bedenken wordt het toch wel moeilijker. Pasta, puree, wok en rijstschotels met snijbiet hebben we even genoeg gegeten. Tijd voor iets nieuws. Wat eten we? Polenta! Het klinkt als een vreugdekreet, het is niet alleen lekker maar ook snel klaar!


Dit heb je nodig voor de groente:
scheut olijfolie
2 uien
4 tenen knoflook
een mespuntje chilivlokken
zo'n 800 gram snijbiet
1 theelepel zout
peper uit de molen

Dit heb je nodig voor de polenta 
een handje vol bieslook
een handvol peterselie
een takje snijselder
1,5 liter water
2 eetlepels olijfolie
250 gram polenta
2 theelepels ahornsiroop
zout en peper uit de molen

Garneren
hennepzaad of gehakte walnoten
edelgistvlokken of vegan parmesan


Zo maak je het:
Zet een pot met het water voor de polenta op het vuur en breng aan de kook.
Snij ondertussen de ui in kleine blokjes en snij de knoflook heel fijn. Doe olijfolie in een kookpot en laat daarin de ui en de knoflook glazig worden, samen met de chili.
Doe de bladeren van de snijbiet en snij de stelen in stukjes, doe ze bij in de kookpot en laat alles zo'n 8-tal minuten stoven, roer goed om.
Doe nu de polenta in het kokend water en roer alles goed om, doe er zout en ahornsiroop bij en laat op een klein vuurtje een 10-tal minuten koken. Blijf goed roeren. Zet de polenta daarna van het vuur en roer af en toe nog eens goed door.
Hak de bladeren van de snjbiet in stukken en doe dat bij de rest van de groente. Roer goed om, kruid nog wat bij met peper en zout en laat nog eens een 8-tal minuten stoven.
Hak nu ook alle kruiden zo fijn mogelijk. Roer die goed onder de polenta, roer er ook de olijfolie eronder, proef en kruid verder bij met peper en zout.
Voor je het gerecht serveert roer je nog eens goed door de polenta zodat er zich niet te veel klonters vormen, schep de polenta op de borden, schep er de groente bovenop. Strooi er gehakte walnoten of hennepzaad overheen. Wie wil kan er nog edelgistvlokken of vegan parmesan op strooien.
Smakelijk!


Afvalanalyse:
Geen afval voor dit gerecht. De snijbiet, de kruiden en walnoten komen uit de tuin of die van de buren. Olijfolie, polenta, edelgistvlokken, chili, zout en peper koop ik in bulk. Het enige kleine minpuntje: de ahornsiroop koop ik in een glazen fles. Die vind ik hier in de buurt nog niet in bulk.


Af van afval: Boodschappen en verpakkingen

maandag 1 oktober 2018



Zo'n 8 jaar geleden begon ik me flink te ergeren aan onze afvalbak, die met een gezin van 5 voortdurend vol zat. In deze periode zag ik voor het eerst het werk van Chris Jordan Midway en de film Plastic Planet van Werner Boote en we besloten actie te ondernemen.  Onze eerste stapjes zetten we in eigen buurt.  We gingen op zoek naar lokale (bio)boeren waar we zonder verpakking  boodschappen konden doen.  Zo waren we vertrokken, op een lange weg. Er kwam wat denk- en zoekwerk bij kijken om het roer om te gooien en verpakkingen en plastic zo veel mogelijk te bannen.  Gelukkig moeten we het warm water niet uitvinden en is er  het internet boordevol nuttige informatie en tips. Regelmatig trekt er toch eens iemand aan mijn mouw met de vraag hoe ik dat aanpak. Dus voilà onze tips.



1. De boodschappen
Alles begint bij de boodschappen, wat je je keuken binnenbrengt komt ook ergens vandaan en zit jammer genoeg vaak flink verpakt. Bio komkommers met een plastic jasje aan, je kent ze wel en je hebt er je misschien ook al vragen bij gesteld. Zero-waste boodschappen doen, betekent dat je zelf je bokalen, je potjes, je zakjes meeneemt en lokaal op zoek gaat naar bulk. Als je de kiest voor die korte keten is er minder transport en tijd nodig, zodat overbodige verpakkingen ook eerder weggelaten kunnen worden. Supermarkten passen doorgaans niet zo goed in dit verhaal. Hier in de Kempen kom ik na wat speurwerk toch ook aan mijn trekken, wat verpakkingsvrij boodschappen doen betreft. Zelfs zonder die andere principes "lokaal", "bio", "fairtrade" volledig te verloochenen. Ik word niet meer scheef bekeken als ik op deze plekken met mijn stoffen zakjes en mijn bokaaltjes aan kom zetten : 

  • Onze eigen moestuin en die van mijn ouders
  • Hoevewinkeltjes allerhande. Wij wonen nogal landelijk en hebben heel wat lokale boeren met hoevewinkeltjes in de buurt.
  • De lokale markt, waar vooral de Marokkanen van de notenkraam en de kleine lokale boertjes mijn beste vrienden zijn.
  • Overal waar producten in bulk te koop zijn. Ik hou mijn ogen wijd open en ontdek steeds weer nieuwe plekjes waar ik etenswaren in bulk vind. 
  • Ik haal rijst, muesli, pasta, bulgur, maar ook veel andere etenswaren bij de verpakkingsloze winkel.  De dichtstbijzijnde is de De Verswinkel. Af en toe kom ik eens in Leuven of Antwerpen, dat combineer ik dan met boodschappen in Content of Robuust. Die winkels zijn  het walhalla, want daar moet ik geen toegevingen doen: verpakkingsloos, én bio, én lokaal én fairtrade. Hopelijk openen er snel meer filialen dichter bij huis.
  • De bio-planet. Daar zijn vooral groente en fruit zonder verpakking te vinden en je kan er ook heel wat leeggoed terug binnenbrengen.  Het blijft echter een grote keten en jammer genoeg zijn de meeste producten daar wel nog in plastic verpakt. Hopelijk komt daar nog verandering in.
  • Kleine kruideniers hebben ook vaak producten in bulk in de aanbieding.
  • De wereldwinkel : niet echt verpakkingsvrij wel fair-trade en de flessen van het sap kan je bijvoorbeeld wel terugbrengen.
  • De ambachtelijke bakker, waar ik met mijn herbruikbare zak een ongesneden brood koop.
  • De frituur op de hoek. We nemen onze eigen potten en doosjes mee als zin hebben in snelle vettige kost.


Ik neem steeds een set stoffen zakjes en netjes mee als ik de deur uitga, die liggen in de keuken binnen handbereik. Tijdens mijn boodschappenuitjes stop ik ook bokalen in mijn tas, waar ik dan alvast het gewicht op noteer met een stift. In de keuken en de voorraadkamer vul ik alles in grote glazen bokalen. Dat is superhandig, want je ziet meteen wat er bijna op is en wat je dus ook op je boodschappenlijstje moet zetten 
Dat boodschappenlijstje is cruciaal.  Daarop staat in verschillende kolommen wat er waar gehaald moet worden en het wordt nauwgezet bijgehouden. Vaak krijg ik de vraag : "verspil je dan niet ontzettend veel tijd met boodschappen doen". Eerlijk? In het begin wel, dan zoek je vooral uit waar je wat best kan halen, maar na een tijdje weet je dat precies en heb je je boodschappensysteem uitgedokterd. Bovendien combineer ik boodschappen altijd met andere uitstapjes. Als ik ergens naartoe moet waar 1 van mijn boodschappenadresjes in de buurt is, stop ik daar om mijn boodschappen te doen. Zo heb ik het gevoel dat ik nu net minder tijd besteed aan boodschappen. Boodschappen doen is trouwens veel fijner zo. Nu vermijd ik drukke winkelcentra maar ga ik gezellig naar de markt, waar ik afspreek met een vriend of vriendin om een koffie drinken voor ik mijn  baantjes ga zwemmen in het zwembad vlakbij. 





2. De verpakking
Ik ben nogal streng geworden wat plastic en kunststof betreft. Verpakkingen uit papier of glas komen er soms wel nog in. Mijn doel is: zo weinig mogelijk verpakking en zo weinig mogelijk plastic in huis halen. Dat betekent wel dat je voedsel en dranken vaak zelf moet maken met pure basisproducten. Voordeel: dat is gezonder en je weet precies wat er in je maaltijd zit. Het nadeel: het is tijdrovender. Ik kook gelukkig nogal graag, dus ik vind dat nadeel niet zo problematisch. 




Glazen bokalen hou ik bij en hergebruik ik. Ze staan in de voorraadkamer, in de ijskast en zelfs in de diepvries. Enkel voor het eten van de studenten gebruik ik nog tupperwaredoosjes. Kunststof en eten bewaren of opwarmen zijn niet zo'n goede combinatie. Wist je dat er heel wat schadelijke stoffen in je voeding lekken op die manier? Meer daarover lees je  hier. Invriezen doe ik in glas of stof. In glas? Ja dat lukt prima, je moet er alleen voor zorgen dat je je bokaal niet helemaal vol doet, maar slechts voor 3/4de vult. De inhoud kan namelijk nog zwellen. Neem op tijd het eten uit de diepvries, zodat het geleidelijk aan kan ontdooien.


3. Afval
In onze keukenkast staat 1 hele grote glazen bokaal, daarin stoppen we onze restafval. Momenteel vullen we met 5 personen ongeveer 1 bokaal restafval per maand. Daarnaast hebben we nog papier in de papiercontainer en een blauwe zak die ook steeds minder vaak buitengezet moet worden. Het voordeel van zo'n bokaal is dat je meteen ziet wat er nog inzit en dat stemt telkens weer tot nadenken.  Onze restafvalbokaal raakt elke maand gevuld, dus er blijftruimte voor verbetering. Even een overzichtje van grotere verpakkingen, die er nog in belanden:

chipsverpakkingen
Als iedereen hier op vrijdagavond thuiskomt, komen de drankjes en hapjes op tafel. Vaak heb ik zoute nootjes of lijfjes in huis, die ik zonder verpakking van de markt meebreng en ik ook weet wel dat je ook chips zelf kan bakken. Maar kom, het is weekend en dat moet gevierd worden. Snel een flinke zak chips opentrekken, daar kunnen we vaak toch niet weerstaan.

koekjesverpakkingen.
Meestal bak ik 1 keer per week wat zoetigheid om mee te nemen of ik koop koekjes of wafels zonder verpakking op de markt of in de verpakkingsvrije winkel. Maar toch wandelt er wel eens een pak oreo's of lotus speculaasjes binnen.

verpakkingen van tofu, seitan, tempeh.
Het is best haalbaar om vlees en kaas zonder verpakking in huis te halen. In steeds meer winkels mag je je eigen doosje meenemen en laten vullen. Omdat we hoofdzakelijk vegan eten, staan er hier veel peulen en vleesvervangers zoals Tempeh, tofu en seitan op het menu en die laatsten zijn hier in de buurt niet makkelijk zonder plastic verpakking te vinden. Vegan burgers en falafel maken we meestal wel zelf. Voorlopig ben ik er nog niet aan toegekomen om ook tofu, seitan en tempeh zelf te maken. Dat is nog een project op mijn experimenteerlijst.

botervlootjes
We smeren graag een laagje plantaardige boter op onze boterham, maar die vinden we voorlopig enkel in plastic vlootjes. Ook dat probeerde ik al zelf te maken, maar dat smaakte niet zo geweldig. Wie goede alternatieven weet: voor de dag ermee!



Wil je meer weten over onze afvalqueeste?
Kom dan zeker eens luisteren tijdens 1 van de volgende lezingen.
"Af van Afval"

Lezingen najaar:
15 september 2018 - Bibliotheek Geel
8 november 2018 - KVLV Dessel




Bedekte appeltaart

zondag 2 september 2018

Elke dag ben ik nu wel onder de appelboom te vinden om appels te rapen, ofwel hang ik nog even in de hangmat onder de boom en geniet ik van mijn laatste vakantiedagjes.  Ik kan wat extra troost gebruiken nu mijn zomervakantie ten einde loopt. Hoog tijd dus voor een appeltaart! Als er wat te troosten of te vieren valt, is appeltaart noodzakelijk. Dit is een plantaardige versie van een Noors appeltaartrecept dat ik ooit van een vriendin kreeg en ik ben er zeker van dat je de taart ook heerlijk vindt.


Dit heb je nodig  

vulling:
1 kg appels 
1 citroen
2 theelpels kaneel

deeg:
350 tarwebloem of speltbloem
1 eetlepel kikkererwtenmeel
75 gram rietsuiker
1 eetlepel bakpoeder
120 ml plantaardige melk (havermelk of amandelmelk bijvoorbeeld)
100 gram plantaardige boter

Zo maak je het
Verwarm de oven voor op 180 graden. Vet een ronde springvorm in en bestuif met bloem.

vulling:
Schil de appels en snij die in stukjes. Neem de helft van je appels, voeg er een klein beetje water bij en kook er appelmoes van op een laag vuurtje. De andere helft van de appelstukjes hou je even bij. Als je appelmoes klaar is doe je de andere appelstukjes erbij, besprenkel je het geheel met een eetlepel citroensap en kook je alles nog even samen op. Zet de appelmoes met stukjes aan de kant en laat afkoelen. Voeg er een beetje kaneel aan toe

deeg en taart:
Voeg alle ingrediënten voor het deeg samen, roer en kneed goed tot je een samenhangende bal hebt en halveer die bal dan. De ene helft rol je uit en druk je in de springvorm. Het kan zijn dat je deegvellen wat uit elkaar vallen.  Leg in dat geval de stukken in de springvorm en puzzel de bodem samen, druk aan. Prik met een vork gaatjes in de bodem. Verdeel dan de appelvulling over de taart. Druk het dakje van de taart en de bodem van de taart aan de randen samen. Zo krijg je een bedekte appeltaart. Zet de appeltaart in de voorverwarmde oven en bak de taart zo'n 40 minuten.

Dit is een gemakkelijk receptje dat relatief snel klaar is. Zeker als je zoals ik een dag eerder een lading appelmoes maakte en je de pot maar uit je ijskast hoeft te halen. Appels zijn nu overal te krijgen. Als je zelf geen appelboom hebt, vraag dan eens bij buren, familie en vrienden of je appels mag komen plukken. De meesten delen, in ruil voor een stukje taart, maar al te graag hun oogst met je. Misschien weet je ook wel een appelboom in het wild staan waar je wat appels kan verzamelen. Wildplukplekken in België en Nederland kan je ook vinden via de wildplukwijzer. Als je toch appels wil kopen ga dan eens langs een zelfplukboerderij in je buurt. Niets zo leuk als zelf je fruit te plukken! Meer tips om je afval te verminderen tijdens het bakken vind je onderaan de vorige blogpost.



Af van afval & Fair Wear Friday 16

zondag 15 april 2018


Enkele dagen geleden nam ik de afvalbokaal met ons restafval van (bijna) 1 maand mee naar Luyksgestel. De laatste jaren zetten we telkens een stapje dichter naar een afvalarme levensstijl. Over de weg die we al aflegden, waarom we dat doen en over hoe we dat hier thuis organiseren bokste ik op verzoek van enkelen een lezing in elkaar. Die lezing mocht ik voor de tweede keer geven, na Marc van de Komdis ontving Frank ons in de Elzenhoeve, een prachtige locatie midden in het groen. Voor hen die de vorige 2 lezingen misten, geen paniek! In het najaar mag ik dat nog eens overdoen in Mol en in Geel. Meer info volgt via de facebookpagina.






Lezing: Af van afval

15 maart 2018 :  Komdis Dessel
12 april 2018   :  Elzenhoeve - Luyksgestel




Tijdens de Paasvakantie vond ik eindelijk nog eens een regendagje tijd om te naaien. De Lorajurk stond al lang op het lijstje. Omdat ik nog heel wat stofjes heb liggen en niks nieuws wil kopen, dook ik in de stoffenkast. Daar vond ik een lap, die eigenlijk net te klein was. Er kwam dus wat puzzelwerk aan te pas, het voorpand werden verschillende stukken in plaats van 1 geheel. Daarom loopt de print niet door daar, maar dat vind ik niet zo dramatisch. Blij dat ik kon gebruiken wat ik heb. Ik ben trouwens ontzettend content van dit patroon.




Het is nu wel zondag, maar toch, ik wenste dat het nog vrijdag was en ik nog een heel weekend voor de boeg had. Dus : Fair Wear Friday-gewijs even de outfitanalyse :

- jurk: eerlijk zelf gemaakt aan mijn naaitafel - met stof die ik jaren geleden kocht op een stockverkoop van Fragile. Dit  lapje bracht al die jaren in mijn kast door, deze kast is samen met het boekenrek voorlopig wel nog ontsnapt aan mijn opruimwoede. Minimaliseren op vlak van boeken en stofjes, daar ben ik voorlopig nog niet aan toe - maar ooit komt dat er van! Patroon: Lora van La Maison Victor.

- deze jurk draag ik het liefst met mijn favoriete jeansvest die ik tweedehands op de rommelmarkt vond.

- ondergoed: nomads van bij hempmade - Leuven

- bril: preciosa. De bril is uit kunststof, maar het bedrijf zou de brillen ontwerpen en ambachtelijk produceren in Nederland.

Meer verkooppunten van schone, eerlijke, duurzame kleding vind je via deze link van de schone kleren campagne :  "duurzame kleding"


De foto's bij deze post zijn trouwens gemaakt door de dochter 

Munitie.

dinsdag 28 november 2017

Zaterdagochtend. Mijn tas is gevuld met stoffen tasjes en glazen bokalen, noodzakelijke munitie voor een rondje afvalloos winkelen op de plaatselijke boerenmarkt. Ik rol mijn trolley recht naar mijn favoriete notenkraam. De Marokkaanse verkoper is grote fan van mijn strijd tegen afval en van mijn  boodschappensysteem. Hij vult al jarenlang met een engelengeduld wekelijks mijn potjes en zakjes. Ik geef toe : het duurt net iets langer dan het plastic-zakjes-systeem, maar hooguit enkele minuutjes. Daarom wacht ik even tot de grote drukte voorbij is en laat ik 2 dames en een heer met hoed voorgaan. Niemand meer bij het kraam, het is mijn beurt nu. Na een praatje over het najaarszonnetje vraagt de notenman hoe het met me gaat en met de studenten in huis. Ondertussen doet hij 500 gram cashewnoten in mijn stoffen zakje. Terwijl hij het touwtje aantrekt en dichtknoopt komt er een grijzende dame achter me staan. Ik zie uit mijn ooghoeken hoe ze afkeurend naar de stoffen zakjes in mijn hand tuurt, haar wenkbrauwen fronst en niet-begrijpend haar hoofd schudt. Terwijl de notenman het volgende zakje met pistache nootjes vult, voel ik hoe haar blik over haar brillenglazen heen recht in mijn rug priemt, ik hoor een luide zucht vergezeld van : "Zijn de zakjes van deze mannen voor u niet goed genoeg misschien?". Ik reageer niet en bestel nog olijven, een potje vol en overhandig mijn bokaal aan de notenman. Hij weegt het lege potje om de tarra te bepalen.  Terwijl de notenman de olijven in mijn bokaal doet, krijgt de dame het helemaal op haar heupen. "Dat versta ik nu niet zie, doe dat dan thuis toch in een pot als je dat zo graag in potten wil hebben. Val die mannen daar toch niet mee lastig!". Ze draait zich naar een jonge vrouw met een warme blauwe sjaal toe, want ze heeft begrepen dat ik voorlopig toch niet zal reageren en ik hoor haar  zeggen: " 't is toch waar hé madam en wij staan hier ondertussen maar te wachten, wat denkt ze eigenlijk wel?"
Terwijl de dame nog wat verder sakkert, stop ik mijn stoffen zakjes en bokalen in mijn trolley, ik betaal, krijg nog wat stempels op mijn klantenkaart en een vrolijke "Tot volgende week!" van mijn notenvriend. "Wie is de volgende", hoor ik hem zeggen. De dame stopt eindelijk met vloeken, kijkt naar haar nummertje  en zegt: "Ik ... eum ....."
Terwijl ze begint na te denken wat ze nu eigenlijk wil, rol ik mijn trolley voorbij een dame met een hoofd vol krullerig permanent, die er net bij is komen staan. Ze slaakt een diepe zucht en draait met haar ogen. Ik krijg nog een knipoog van de notenman en een brede glimlach van achter de blauwe sjaal, ze haalde net haar munitie uit haar tas.





Afval tijdens dit winkelrondje: een plastic folie rond een broccoli, elastiekjes rond de pijpajuintjes 
en een kunststof touwtje rond de wortelen. 
#alleskanbeter

Kleine Boekerij 2.0

vrijdag 3 november 2017

Onze kleine boekerij  was aan vervanging toe. De waterdichte MDF zoog na al die jaren zijn poriën vol met vocht waardoor de bladeren van de boeken frommelden en krulden. Dat was niet het plan, dus moest het kastje vorige winter weg. De bedoeling was om rond het voorjaar een nieuw "boekerijke" in elkaar te knutselen, maar omdat ik een Lief heb dat erg handig is en daarom alles - zelf wil doen en vooral ook nog grondig, duurde het wat langer voor het klaar was. Ik kwam de zomer door met een ruilmand, die ik bij goed weer buiten zette en ook wel méér dan eens vergat binnen te halen voor het begon te regenen.  Maar nu is het dus zover en het was het wachten meer dan waard: we hebben een nieuw "klein boekerijke" voor de deur en omdat we momenteel besmet zijn met het Zweedse virus, werd het er ééntje in een welbekende stijl. Alle lof is voor mijn Lief.


Het idee voor een eigen boekenruilkastje borrelde jaren geleden op tijdens onze reizen naar Duitsland, waar het boekenruilen en -delen op straat razend populair is. Overal ontdekten we boekenruilkastjes of kisten met boeken om gratis mee te nemen. Ik pakte in mijn valies standaard een stapel boeken in om onderweg te kunnen ruilen. Toen broeide het idee om bij ons ook zo'n kastje te openen. Dat deden we in het voorjaar van 2014, ter gelegenheid van de communie van Jongste. Ons initiatief zette  heel wat vrienden en kennissen aan, om ook een kastje in elkaar te knutselen. Sommigen van hen waren het sowieso van plan en kregen door ons boekerijke een sjot onder hun kont zo vertelden ze ons.  Anderen keken en zeiden onomwonden: dat wil ik ook en schoten meteen in actie. In mijn volgende blogbericht maak ik een overzichtje van die andere initiatieven in onze buurt.


Ondertussen kreeg ik via mail, instagram, Facebook al heel wat vragen over hoe je dat best aanpakt zo'n kastje. Hoog tijd voor een verzameling tips!

1. Plan
Bedenk een origineel ontwerp voor jullie kastje. Het leukst is om het initiatief met meerdere mensen te nemen.  Doe dit project samen met andere familieleden, de buurtbewoners of misschien samen met jullie vereniging, school of rusthuis. Overleg en bedenk hoe jullie willen dat jullie kastje eruit gaat zien. Je kan heel wat inspiratie vinden via google afbeeldingen of pinterest. Typ daar maar eens het zoekwoord "little free library" in en laat je inspireren. Bedenk ook waar jullie je bibje willen plaatsen. Het moet een plek zijn, die goed zichtbaar is. Als je de mogelijkheid hebt om de boekenkast op een plaats te zetten waar er extra beschutting is (onder een boom, een afdak) is dat zeker een voordeel. Hou steeds in je achterhoofd dat vocht je grootste vijand zal zijn.

2. Ontwerp
Ontwerp jullie kastje en teken het op papier. Mijn Lief de timmerman des huizes, geeft jullie volgende tips mee:

Het dak:
  • moet steeds het breedst uitsteken. Het dak heeft best een oversteek aan alle zijden van minstens 5 cm;
  • de dakbedekking maak je best uit waterbestendig materiaal: bijvoorbeeld aluminium, roofing of vol hout dat met waterbestendige lak is behandeld;
  • moet steeds een helling van 30 graden of meer hebben;
  • monteer een afdruiplijst rondom je dak, dit randje zorgt ervoor dat het water niet onder het dak door kan stromen.
Het materiaal:
  • hou de volgende R'en in je achterhoofd: recycle, reuse, repurpose! Kijk dus in de eerste instantie welk materiaal je hebt. Misschien heb je wel nog een oude kast staan die als basis kan dienen of waarvan je de leggers kan gebruiken. Of misschien liggen er ergens in het tuinhuis nog wat planken waarmee je aan de slag kan.  Hergebruik en recycleer zo veel mogelijk. Als je zelf geen materiaal hebt, vraag eens rond bij vrienden. Er is vast wel iemand met oude rommel waar hij vanaf wil en waaruit jullie je boekenkastje kunnen knutselen;
  • kies zoveel mogelijk voor vol hout. Vezelplaten en MDF - zelfs de watervaste varianten hiervan -  hebben de neiging zich veel sneller met vocht vol te zuigen (we spreken uit ervaring);
  • gebruik vijzen en waterbestendige houtlijm om alles aan elkaar te bevestigen, dat werkt veel beter dan nagels;
  • vermijd gevaarlijke materialen. Zo kan je in het deurtje beter plexiglas gebruiken in plaats van echt glas, dat makkelijker kan breken;
  • neem degelijke scharnieren voor het deurtje en zorg ervoor dat je de grendel makkelijk kan openen.
Vijand vocht 
  • zorg voor ventilatiespleten tussen het dak en zijkanten zodat het vocht weg kan;
  • kies steeds voor het meest vochtbestendige materiaal dat je ter beschikking hebt;
  • zorg ervoor dat er nergens vocht op kan blijven staan, zelfs geen druppel;
  • de zijwanden moeten over de bovenplaat heenkomen zodat er ook op de bodemplaat geen vocht kan blijven staan;
  • controleer regelmatig je kastje op schade of vocht en pas aan waar mogelijk;
  • plaats je kastje steeds op een verhoog, op stenen of op palen bijvoorbeeld. Er moet lucht onder het bibje doorkunnen zo vermijd je dat je boeken natte voeten krijgen of bezoek van een kolonie mieren.

3. Bouw en installeer
Bouw je kastje. Maak er een groepsgebeuren van en schakel zeker die timmerman of -vrouw die in je buurt woont in. Plaats je kastje op de voorziene plek.

4. Open
Nodig je buren en je vrienden uit voor een boekenfeestje! Zorg voor drankjes, chips en vlaggetjes die je uit oude boeken knutselt.  Vraag of iedereen minstens één boek wil meebrengen om in het kastje te plaatsen, zo is je kastje meteen gevuld en kan het ruilen beginnen. Leg ook een schriftje in je kastje waarin iedereen die wil zijn ervaringen kan delen.

5. Maak je kastje bekend
Je kan verschillende kanalen gebruiken om aan de wereld te laten weten dat je een boekenruilkastje hebt:
  • maak een facebookpagina of instagramaccount voor je kastje aan, of doe dat samen met bevriende boekenruilkastjeseigenaars
  • maak een geoache bij jouw kastje bij : bij geocachen
  • meld je kastje aan bij little free library. Deze beweging zorgde ervoor dat het idee van de boekenruilkastjes over de hele wereld verspreid raakte nadat ene Tod Boll in Hudson de eerste boekenruilkast in zijn voortuin monteerde. Als je je kastje daar aanmeldt krijg je een officieel nummer, een kenteken om aan je kastje te bevestigen en wordt jouw initiatief opgenomen op de wereldwijde kaart met "little free libraries".
  • ook in Nederland bestaat er een gelijkaardige organisatie waar je je kastje kan aanmelden - Minibieb
  • in de Kempen verzamelt TranslabK op een kaart alle ruilkastjes. Vergeet ook zeker niet je initiatief daar te melden.


Samen met buurman Johan die ook een kastje in zijn voortuin heeft houden we jullie op de hoogte via
  de facebookpagina "kleine boekerijkes"
Over ons initiatief las je vorige week ook in de Gazet van Antwerpen.


Chocoladekoekjes

dinsdag 31 oktober 2017

Zo stilaan blaas ik een oude traditie nieuw leven in : de weekendbaksels! Sinds we verpakkingen proberen te vermijden zaten we plots met een koekenprobleem. Bovendien wil Dochter enkel nog veganistische zoetigheden eten. Dus bakte ik de laatste weken tijdens het weekend iets lekkers. En als ik dan toch bezig ben, maak ik gelijk een flinke lading, in de hoop dat we er de volgende dagen nog van kunnen snoepen. Dat blijkt nogal vaak "wishful thinking", hoeveel ik ook maak, meestal is de laatste kruimel voor maandag uit de koekentrommel verdwenen. "Wie door de week nog koeken wil, moet zelf maar bakken" heb ik dan maar als regel ingevoerd. Soms kruipt Jongste wel eens achter de oven om nog een extra lading cupcakes of koekjes te bakken. Meestal komt het erop neer dat ze tijdens de week vooral naar fruit grijpen. Nog beter!

Deze chocoladekoekjes waren het laatste "weekendbaksel".


Dit heb je nodig: 
350 gram bloem
1 theelepel natriumbicarbonaat voor voeding (baking soda)
1 snuifje zout
250 gram plantaardige margarine
110 gram rietsuiker
110 gram bruine suiker
2 theelepels vanillesuiker
200 gram pure fairtrade chocolade 
100 gram walnoten


Zo maak je het:
Zet al je ingrediënten alvast klaar, zodat ook de margarine op kamertemperatuur is. Verwarm je oven voor op 190 graden. Mix de margarine met de bruine, de rietsuiker en de vanillesuiker en doe dit zo lang tot je een homogene massa hebt. Doe in een aparte kom de natriumbicarbonaat, de bloem en het zout bij elkaar en meng dat goed. Voeg dit mengsel van bloem geleidelijk bij het mengsel van margarine en suiker en meng de twee goed, tot je weer een homogene massa hebt.  Hak de pure chocolade en de walnoten in stukjes en roer die met een spatel onder het deeg.
Smeer een bakblik in met boter en bestuif dat met bloem. Leg op het bakblik hoopjes deeg die je vervolgens voorzichtig plat drukt. Bak de koekjes zo'n 12 minuten.
Neem dan de koekjes met een spatel voorzichtig van het bakblik en leg ze om af te koelen op een rooster. De koekjes zijn waarschijnlijk nog zacht als je ze eruit neemt, maar dat is normaal. Als ze afgekoeld zijn wordt de buitenkant harder.



Plantaardig afvalloos
Deze koekjes zijn volledig plantaardig en op deze manier kan je flink je afval beperken: 
  • koop geen aparte zakjes bakpoeder, maar natriumbicarbonaat of baking soda in een grote verpakking (vaak in karton), of ga naar een verpakkingsloze winkel en vul daar meteen je bokaal.
  • verpakkingsloze winkels verkopen vaak ook pure chocoladeparels, bloem en suiker in bulk.
  • koop je noten steeds in bulk op de markt, er zijn ook steeds meer winkels die noten in bulk aanbieden
  • Ik maak vanillesuiker zelf en bewaar die in een bokaal. Dit doe ik zo: ik doe 250 gram suiker in een afsluitbare bokaal. Telkens als ik vanillestokjes gebruik voor een gerecht snij ik die open en schraap ik er het merg eruit, dat gebruik ik in mijn gerecht. Die stokjes gooi ik daarna niet weg maar snij ik in enkele stukken en doe ik in de suiker. Dit doe ik telkens als ik een vanillestokje gebruikt heb. De stokjes kan je er na een paar dagen weer uitvissen, of gewoon laten zitten. Ze geven hun aroma af aan de suiker en tadaa... je hebt altijd een bokaal vanillesuiker bij de hand.
  • in plaats van margarine (die je steeds nog in een vlootje koopt)  kan je ook  zelf plantaardige boter maken.  Voor 250 gram boter doe je dan 65 gram kokosmelk bij 195 gram geraffineerde kokosolie, je giet de twee samen in een blender en mixt goed. Dat mengsel zet je een uur in de koelkast om te laten afkoelen.
Wat dat plantaardig eten betreft: Dochter daagde me uit om in november ook volledig veganistisch te eten. Gelukkig start morgen ook Easy Vegan van Eva, zodat ik wat extra inspiratie en reminders in mijn mailbox krijg. Het moeilijkste wordt vast om de kaas volledig te laten: kaas, ijsjes én eitjes van onze kippen zijn mijn laatste niet-plantaardige "zondes". Benieuwd of ik daar een maandje kan afblijven. Wie doet er nog mee?

Bouillonmoes

woensdag 20 september 2017


De tijd voor soep en bouillonnekes is weer aangebroken. Op dit moment verzamel ik in moestuin en op de boerenmarkt armenvol groente. Ideaal om een "fond" te voorzien voor de herfst- en wintersoepjes. Het is ondertussen jaren geleden dat ik nog bouillonblokjes kocht. Die werden hier ondertussen vervangen door alternatieven zonder verpakking: verse kruidentuiltjes uit de moestuin, een bokaal bouillonpoeder die ik laat vullen in de Content of een ander verkooppunt waar ik in bulk kan kopen of door deze zelfgemaakte "bouillonmoes". In één van mijn schriftjes vond ik dit recept, dat ik ooit kreeg van de Duitse oma bij wie ik een tijdje logeerde in mijn studententijd.  "Suppengewürz" maakten ze daar zelf om hun soepen en sauzen af te kruiden. Eigenlijk is het doodsimpel: je verzamelt je groente, hakt alles fijn, mengt het met zout en je hebt bouillonmoes die je in een bokaaltje in je ijskast kan bewaren.


Bouillonmoes
Dit heb je nodig:
Verzamel in je moestuin of op de markt soepgroente. Kies groente van het seizoen, gebruik wat je gemakkelijk vindt of in de tuin hebt. Je kan zelf kiezen welke groente je gebruikt. In mijn laatste lichting bouillonbokaaltjes deed ik deze groente:

1 ui
4 pijpajuintjes. 
2 tenen knoflook
1 venkel (de groene sprieten mag je mee gebruiken)
1 dikke prei
een stuk selder (knol- of gewone selder, kan allebei)
5 wortelen
een flinke handvol tuinkruiden (peterselie, basilicum, oregano, salie, rozemarijn, thijm, bieslook, kervel...)
zout zonder jodium

Maar zoals ik zei: je kan net zo goed andere groente en kruiden die je lekker vindt gebruiken. Je kan bijvoorbeeld ook courgettes, pastinaken, paprika, gember of tomaten gebruiken. Of maak misschien eens een groene kruidenbouillon?



Zo maak je het
Was eerst je handen goed. Maak de groente schoon en hak ze zeer klein met de keukenmachine. Doe alles in een grote kom en weeg hoeveel je precies hebt. Voor het zout bereken je dan hoeveel je nodig hebt: Per 100 gram groente heb je minstens 10 gram zout nodig.
Strooi het zout over de groente en meng met je blote handen de groente en het zeezout. Zorg dat alles erg goed gemengd is. Dek af met een handdoek, laat een uurtje rusten en meng regelmatig opnieuw. 
Verzamel ondertussen bokalen met schroefdeksel en was ze heel grondig af, spoel met proper water. Sterliseer ondertussen de bokalen. Dat doe je door ze te vullen met kokend water en een kwartiertje te laten staan en daarna te laten drogen op een schone handdoek. Je kan de bokalen ook een half uurtje in een heteluchtoven op 100 graden leggen. Meng het mengsel nog eens goed door, vul de schone bokalen, zorg dat de bovenranden proper blijven. Schroef het deksel erop. 
Ik bewaar deze bouillonmoes op een koele plek. Ongeopend zet ik ze in mijn koele berging, éénmaal ze open zijn bewaar ik ze in de koelkast. De bouillon zou een jaar houdbaar zijn, maar zo lang stonden de potjes bij mij nog niet op het rek. Je kan de spijs gewoon gebruiken zoals je een bouillonblokje gebruikt. Gewoon een lepeltje bij de soep of de saus, in kokend water of bij een dressing voegen, zout is dan niet meer nodig.  Ik heb altijd wel wat potjes te veel maar ik heb dan ook vrienden die ik hier blij mee kan maken. Samen met de confituurpottekes is dit een ideaal winterse antwoord op de vraag: ik-ga-op-bezoek-wat-neem-ik mee?

Lili for Africa

maandag 4 september 2017




De tante was weer in 't land, voor ze terug naar Senegal vertrekt gaf ze een feest. Omdat naaien er tijdens de zomer nog niet van was gekomen, zette ik mij aan het einde van de vakantie op een regenachtige dag toch nog eens aan mijn naaimachine. De tante had een gigantische wikkelrok met streepjes op de rommelmarkt gevonden en mij cadeau gedaan voor de stoffenvoorraad. In diezelfde voorraad vond ik nog 2 overschotlapjes die goed matchen bij de wikkelrok. Ik haalde Lili uit mijn favoriete tassenboek tevoorschijn en had na enkele uurtjes knutselen een cadeau om mee naar het feest te nemen.


Ik had nog wat restjes rok over en daarmee naaide ik boodschappentasjes. Stroptasjes voor groente, fruit of brood, want wist je dat Senegal de plastic zakjes 2 jaar geleden al verbood? (hier lees je meer).  Ook in Wallonië en Brussel is dit verbod ondertussen een feit. En wij in Vlaanderen? Wij wachten af, nog steeds. Misschien moeten we ondertussen zelf initiatief nemen en massaal de plastic zakjes weigeren?


Bedrukte buitenstof: een restje van dit project
Grijze buitenstof: een rest stuk canvas uit de stoffenvoorraad van mijn moeder
Gestreepte voeringstof + stof voor de zakjes: een wikkelrok van de rommelmarkt
Knoopjes: uit een gekregen voorraad
Grijze tassenband: de stoffenstraat
Patroon: Lili De tas van Annelies
Tips om plastic zakjes te vermijden: onderaan dit blogbericht